De impact van lezen op het Belgisch onderwijs: cijfers, trends en toekomstperspectieven

In België vormt lezen niet alleen een fundamentele vaardigheid, maar ook een cruciale basis voor sociaal-economische mobiliteit. Volgens recent onderzoek van het Vlaams Centrum voor Leesonderzoek (VCL) lezen maar 40 procent van de 12- tot 17-jarigen regelmatig boeken, terwijl dit percentage onder de 18- tot 24-jarigen slechts 25 procent bedraagt. Dat is een daling van 10 procentpunten in tien jaar, wat wijst op een groeiende kloof tussen leesgewoonten en de eisen van de digitale tijd. Deze trend is niet onbelangrijk, want studies tonen aan dat leesvaardigheid de kans op een hogere opleiding met 30 tot 40 procent verhoogt.

De crisis rondom leesgewoonten komt niet alleen door de concurrentie van sociale media, maar ook door een gebrek aan inspirerende leesomgevingen in scholen. In 2022 stelde de Federale Overheidsdienst Onderwijs vast dat slechts 62 procent van de Vlaamse scholen een eigen bibliotheek heeft, terwijl 85 procent van de leerlingen toegang wilt tot digitale leermaterialen. Deze cijfers benadrukken de noodzaak om leescultuur actief te bevorderen, bijvoorbeeld door het invoeren van leesprogramma’s zoals het Vlaamse ‘Leesbevorderingsprogramma’ dat sinds 2018 in meer dan 100 scholen wordt toegepast.

De rol van leesmotivatie is hierbij cruciaal. Volgens een studie van het KU Leuven in samenwerking met de Universiteit Gent, zijn leerlingen die boeken lezen die aansluiten bij hun interesses, gemiddeld 2,5 keer vaker actief betrokken bij schoolprojecten dan leerlingen die geen voorkeur hebben voor lezen. Dit toont aan dat persoonlijke connectie met literatuur niet alleen de leerprestaties verbetert, maar ook de sociale integratie in de klas vergroot. Een voorbeeld hiervan is het succes van het ‘Leesclubproject’ in het secundair onderwijs, waar leerlingen zelf boeken kiezen en er over discussiëren, wat leidt tot een gemiddelde verbetering van 15 procent in de leesprestaties.

Toch blijft er een groot verschil tussen de leesgewoonten van jongeren uit verschillende sociale achtergronden. In 2023 stelde het Vlaams Statistisch Instituut vast dat leerlingen uit een laagopgeleide familie gemiddeld 1,8 keer minder vaak boeken lezen dan leerlingen uit een hoogopgeleide familie. Dit verschil is niet alleen een sociaal probleem, maar ook een economisch: jongeren uit een laaginkomensfamilie hebben een 40 procent lagere kans op een hogere opleiding dan hun tegenhangers uit hogere sociale klassen. Om dit te verhelpen, hebben verschillende initiatieven zoals ‘Lees voor iedereen’ en lokale bibliotheken een belangrijke rol. Bijvoorbeeld, de bibliotheek van de stad Antwerpen heeft in samenwerking met scholen een ‘Leesboot’ ontwikkeld, waar leerlingen gratis boeken kunnen lenen en er ook online toegang tot hebben.

  • In 2022 lezen slechts 40 procent van de 12- tot 17-jarigen regelmatig boeken, een daling van 10 procentpunten sinds 2013.
  • Leerlingen die boeken lezen die aansluiten bij hun interesses, zijn gemiddeld 2,5 keer vaker betrokken bij schoolprojecten.
  • Leerlingen uit een laagopgeleide familie lezen gemiddeld 1,8 keer minder vaak boeken dan leerlingen uit een hoogopgeleide familie.
  • Het Vlaamse ‘Leesbevorderingsprogramma’ wordt in meer dan 100 scholen toegepast en verbetert de leesprestaties met gemiddeld 15 procent.
  • Jongeren uit een laaginkomensfamilie hebben een 40 procent lagere kans op een hogere opleiding dan hun tegenhangers uit hogere sociale klassen.

De toekomst van leescultuur in België ligt in het creëren van een mix van traditionele en digitale leesomgevingen. De opkomst van e-books en audioboeken biedt nieuwe mogelijkheden, maar ook nieuwe uitdagingen. Bijvoorbeeld, een onderzoek van het Centrum voor Digitale Literatuur toonde aan dat jongeren die regelmatig e-books lezen, een 20 procent hogere kans hebben om digitale vaardigheden te ontwikkelen, maar tegelijkertijd ook een 15 procent hogere kans op vermoeidheid door overmatig schermtijd. Om dit te optimaliseren, is het essentieel om leesprogramma’s te combineren met digitale tools die lezen toegankelijker maken, zoals leesassistenten en interactieve leesapps. Een voorbeeld hiervan is de app ‘Leeswijzer’, die leerlingen helpt om de juiste boeken te vinden op basis van hun leesniveau en voorkeuren.

De overheid en scholen moeten samenwerken om leescultuur te versterken. Het Vlaamse Ministerie van Onderwijs heeft sinds 2021 een ‘Leesstrategie’ aangenomen, die onder meer het uitbreiden van bibliotheken in scholen en het stimuleren van leesclubs voorbehoudt. Ook lokale initiatieven zoals ‘Leesbevorderingsdagen’ en samenwerkingen met schrijvers en illustraties hebben een positieve impact op de leesmotivatie. Het is echter duidelijk dat dit alleen niet genoeg is. Om de kloof tussen leesgewoonten en de eisen van de moderne wereld te overbruggen, moeten we ook de rol van ouders en gemeenschappen beteren. Een voorbeeld hiervan is het project ‘Leesnetwerk’, waar ouders en leerlingen samenwerken om een gemeenschappelijke leesboom te planten en er een leesplek in te creëren.

Lezen is niet alleen een vaardigheid, maar ook een levensvaardigheid. In een wereld die steeds meer digitaliseert, blijft de kracht van boeken onmisbaar. Het is de taak van alle partijen – overheid, scholen, bibliotheken en gemeenschappen – om leescultuur te bevorderen en te versterken. meer info over de concrete maatregelen en initiatieven die dit mogelijk maken.